Soms vraag je je wel eens af of de Nederlandse podia hun programmering met elkaar afstemmen. Afgelopen dinsdag was dit zeker niet het geval. In het Amsterdamse Westerpark stond Radiohead, in Paradiso was Live, in Tivoli Vampire Weekend en in de Melkweg stonden The Raconteurs. Het is natuurlijk ook festivaltijd (a.s. weekend vindt alweer de 21e editie van Werchter plaats) waardoor veel bands in de buurt zijn en makkelijk kunnen worden geboekt. De ware muziekliefhebber stond gisteren echter voor een lastige keuze, of beter gezegd een paar maanden geleden, omdat de concerten bij de start van de voorverkoop binnen een mum van tijd waren uitverkocht.
Als ware sterren lieten The Raconteurs even op zich wachten in een uitverkochte Melkweg. Het publiek werd onrustig, misschien wel door de eerste rookvrije horeca-dag maar zeker ook door de slome blues die als achtergrondmuziek de handelingen van de overijverige roadies inlijstte. Bij opkomst van de band waarvan men verwachtte dat het een eenmalig nevenproject van zanger/gitarist Jack White zou zijn, leek het er ook op of de leden onenigheid hadden gehad want de opkomst was kil en er kon geen lachje van af. Plichtmatig werden de eerste nummers afgewerkt.
Het is misschien ook niet makkelijk om Jack White binnen de gelederen te hebben. De muzikant is de sterrenstatus al lang ontstegen en alleen al zijn naam op het affiche zorgt voor een toeloop van een schare fans. Zelf bleef hij er bescheiden onder tijdens het concert; haast verlegen nam hij plaats naast het andere muzikale brein, Brendan Benson en maakte hij zich volledig ondergeschikt aan het geheel. White staat erom bekend dat hij alle oude blueslegendes goed heeft bestudeerd en waarschijnlijk kan hij met de Raconteurs met meer instrumenten zijn ei beter kwijt dan bij het minimalistischere White Stripes. En dat zal dan ook de reden zijn dat deze band een langer leven beschoren is dan aanvankelijk verwacht.
Benson, singer songwriter die altijd componeert voor volledige bandbezetting, is het talent dat nooit is doorgebroken en heeft al drie albums op zijn naam staan. Solo klinkt hij erg als John Lennon en ook bij the Raconteurs is zijn inbreng duidelijk hoorbaar in de nummers. Het is allemaal wat lieflijker dan de nummers van White, maar met het succes van the Raconteurs krijgt hij dan toch eindelijk de eer die hem toekomt. Jack Lawrence (zang en bas) en Patrick Keeler (drums), beiden van Greenhornes en Dean Fertita (zang en toetsen) zijn alledrie rasmuzikanten zonder wie het strakke geluid van the Raconteurs nooit mogelijk zou zijn.
Het geheel ontdooide pas na het zevende nummer. De muzikanten gingen meer non-verbaal communiceren en men leek er weer wat meer lol in te krijgen, vooral tijdens improvisaties. Bij hun grootste hit Steady as she goes probeerde men dat ook door de riff op verschillende manieren met twee gitaren te spelen waarbij Benson aardig de mist in ging door wat verkeerde noten aan te slaan. Het was het enige smetje op het verder perfecte optreden. Bij Level zongen de heren het intro van het keyboard hetgeen een bevreemdend effect had. Hoogtepunt was de dramatische blueskraker in Pink Floydiaanse traditie Blue Veins van het debuutalbum Broken Boy Soldiers (2006). White speelde in dit nummer een solo speelde die door merg en been ging en die zelfs op het album niet in het nummer voorkomt. Om het geheel nog even wat aan te dikken keerde hij telkens terug in deze ijzingwekkende trip waarbij hij het publiek sprakeloos achter liet.
Het geduld van het publiek aan het begin van het concert werd beloond met een toegift waarbij een medley werd gespeeld van onder andere de huidige single Salute your solution van het tweede album Consolers of the Lonely dat in maart verscheen en Hands. Uiteindelijk duurde het concert twee uur en dat was eigenlijk nog te kort. Zondag staan ze op het Werchter festival en tot en met 29 augustus zijn ze op tour in Europa. Voor wie nog geen vakantieplannen heeft…




