Het dansgezelschap het Dada von Bzdülöw Theater werd in 1993 opgericht in Gdansk, Polen door artistiek leiders Leszek Bzdyl en Katarzyna Chmielewska. Met de voorstelling ‘Several Witty Observations’ maakte Dada von Bzdülöw haar Amerikaanse debut in La Mama Annex Theatre in New York.
De voorstelling ‘Several Witty Observations’ is geinspireerd door de werken van de Poolse auteur Witold Gombrowicz. Zijn werk kenmerkt zich door thema’s als de onvolwassenheid van jeugd en de paradoxen die bestaan tussen de normen van de sociale conventies het individu die zich daarvan probeert te bevrijden.
Leszek Bzdyl, de meest getalenteerde en gepassioneerde danser van de voorstelling, opent met een act in de lobby, waar de geduldige groep toeschouwers staat te schuifelen. Hij gebaart de gewillige toeschouwers plaats te maken om vervolgens stille poses aan te nemen op de grond. Gekleed in een paars kostuum, dirigeert hij een open ruimte in de vorm van cirkel met een schacht, alsof hij aanstalte maakt om de ruimte door te rennen, maar plaats dan een blauwe afvalbak op de grond, spreid lijf, armen en benen, en plaatst zijn hoofd erin, terwijl zijn schouders op de randen leunen. De dans van Bzdyl ontstaat volgens hemzelf uit de impuls. De eerste act vervolgt met een dergelijke intuitie die spontaan de vorm van de ruimte en de plaats van het lichaam daarin bepaalt. Dergelijke acts confronteren zowel de toeschouwer als de danser met de sociale conventies die de scheiding tussen publiek en voorstelling bepalen.
De diepe geworteldheid van Leszek Bzdyl in het theater bepaalt in grote mate de voorstelling die volgt op het podium. Katarzyna Chmielewska is daarentegen klassiek geschoold, en hoewel zij gratieus danst met een zelf-zekere uitstraling, is het duidelijk dat Bzdyl de kar trekt in menig opzicht. Het plompe lijf van Rafal Dziemidok is simpelweg misplaatst op het podium. Behalve dat Dziemidok mogelijk als contragewicht dient, of misschien als experiment om te pogen de ‘objectieve schoonheid’ of de beperkingen van elk individueel lichaam te integreren, was ik niet gecharmeerd van Dziemidok’s trage, bijna anachronistische aanwezigheid, die letterlijk als een blok aan het been van Bzdyl, het niveau van de voorstelling omlaag trok.
Maar het ontwerp, de choreografie, de muziek en de inbreng van Bzdyl maken ‘Several Witty Observations’ de moeite waard te zien. Het ontwerp draait grotendeels om de belichting in de open ruimte, waarin slechts twee objecten de architectuur bepalen. Twee doorzichtige en opblaasbare objecten, de een in de vorm van een zitzak de ander in de vorm van een matras, geven vorm aan Bzdyl’s principiele benadering van dans als een beweging tussen spanning en ontspanning. Daar wordt ook in de choreografie gebruik van gemaakt. Geregeld rusten een of twee dansers ontspannen op de zitzak of staan terzijde, terwijl de overigen een ingespannen dans ten uitvoer brengen. De belichting is kleurrijk in primaire, maar softe kleuren, afgewisseld met een harde witte belichting. Bzdyl’s theatrale scholing komt niet alleen tot uitdrukking in de gezichtsuitdrukkingen die in tegenstelling tot zoveel andere uitvoeringen, integraal onderdeel vormen van de uitvoering, maar ook in de grotere rol van karakter en interactie van karakters in de dans. Dit aspect brengt een zekere mate van concreet drama in de abstractie van de moderne dans, die inspirerend en overtuigend is in ‘Several Witty Observations.’ De uitmuntende muziek op de voorstelling is van ‘yass’ muzikant Mikolaj Trzaska en is een mix van freestyle saxofoon en bass klarinet, drum en noise mixes.
Links:
Dada von Bzdülöw Theatre
Mikolaj Trzaska
Witold Gombrowicz
La Mama





