In het New Museum in New York was de afgelopen maanden werk van Brian Jungen te zien. Deze Canadese Zwitser-Indiaan uit Vancouver recycled dagelijkse objecten van een geglobaliseerde consumptie maatschappij tot sociaal-maatschappelijk kritische kunst.
Het meest tot de verbeelding sprekend is ongetwijfeld de serie ‘Prototypes for New Understanding’, een collectie skulpturen die Jungen maakte van 1998 tot 2005 met als basismateriaal schoenen uit de Nike Air Jordan serie. Het visuele effect van zijn maskers is opmerkelijk. Jungen recyclede de Air Jordans tot maskers die ondubbelzinnig een primitief karakter dragen. Zelf vertelt hij dat zijn bedoeling is om ‘door middel van manipulatie een bepaalde culturele traditie te verbeelden, en tegelijkertijd het proces van culturele corruptie en assimilatie te versterken. Zodoende beklemtoon ik daarmee de relatie tussen een consumptie artefact en een ‘authentiek’ primitef artefact.’
In zijn bedoeling slaagt Jungen overtuigend, al zijn de objecten dusdanig oogstrelend dat het esthetische effect misleidend is soms. Jungen is geschoold in de westerse kunstgeschiedenis, maar hij is ook intiem bekend met de orale traditie van de Dane-zaa Indianen uit het gebied van het hedendaagse British Columbia, waarin hij gedeeltelijk opgroeide. Tegelijkertijd sluit hij aan bij de westerse kunst traditie van onder meer Matta-Clark, Woodrow en anderen.
Jungen’s kritiek richt zich op het toenemende verval op de wereldmarkt van culturele identiteit en aspiratie tot vormen van dominantie van enkele herkenbare merken, zoals Nike. Dit collectieve verlangen naar herkenbare merken en consumptie goederen lijkt in strijd te zijn met lokale culturele tradities, maar tegelijkertijd vormt het een nieuwe culturele traditie op globale schaal.
Ander werk van Jungen in het New Museum in Chelsea (556 West 22nd Street) is onder andere zijn assemblage shapeshifter uit 2000. Op het eerste oog herken je duidelijk het geraamte van een grote walvis of wat een dinosaurus skelet lijkt te zijn. Het is om de ogenschijnlijk eenvoudige en herkenbare, weinig originele vorm dat dit werk minder aansprekend is. Het materiaal gebruik daarentegen wekt wel enige interesse. Jungen gebruikte witte tuinstoelen waarvan hij armleuningen, zitvlakken, ruggesteunen en poten verknipte en verbouwde tot deze reusachtige geraamtes. Zijn klaarblijkelijk beoogde ironie tussen het afvalmateriaal uit de oliewinning en de natuurlijke skeletten beklemtoont dezelfde kritiek op de consumptiemaatschappij. Ook te zien waren de soortgelijke stellages Cetology (2002) en Vienna (2003) alsmede kleiner werk.
Ook te zien was het visueel zeer kleurrijke maar minimalistische werk Isolated Depiction of the Passage of Time (2001) bestaande uit geel tot rood gekleurde dienbladen opeengestapeld op een pallet. In het centrum van de kubus bestaande uit dienbladen bevindt zich een leegte die gevuld wordt door een televisie waarop bij voortduring soaps en andere dag-programmering te zien is. Jungen werd bij dit werk geinpireerd door het verhaal van een Canadese gevangene die ontsnapte door zichzelf te verbergen tussen stapels dienbladen, terwijl deze werden afgevoerd.
Al met al is Brian Jungen een veelbelovende en getalenteerde Canadese kunstenaar die met een geheel eigen beeldspraak en met een actuele maatschappij kritiek zichzelf zonder meer een plaats onder de hedendaagse succesvolle kunstenaars zal scharen.
Links:
Brian Jungen Gallery @ Secession.at
New Museum, New York
BrianJungen@cybermuse.gallery.ca
Images from a storied land: the Dane-Zaa living landscape of North-eastern BC




